• Mieke Declercq

Drie weken prachtig Sri Lanka met openbaar vervoer – onze reisroute

Bijgewerkt: 8 jul 2019


In 2016 reisden wij met de rugzak en met Fleur, die toen net vijf geworden was, drie weken door Sri Lanka. En het was zalig !

Sri Lanka is een soort Azië in het klein met mooie cultuursteden, regenwoud, prachtige stranden, dieren, vriendelijke mensen, heerlijke hitte en een fantastisch lekkere keuken (toch als je van rice en curry houdt 😊 ). Het grote voordeel is dat de afstanden er relatief klein zijn, waardoor je heel wat verschillende landschappen kan zien zonder dat je iedere keer een hele dag in de bus of auto moet doorbrengen. Verwacht in Sri Lanka echter geen speciale attracties voor kinderen zoals pretparken of uitgebreide dierentuinen. De bevolking is er echter dol op kinderen en overal worden ze met open armen ontvangen. Wij kozen ervoor om met het openbaar vervoer te reizen (voornamelijk met de bus), maar we zagen ook heel wat gezinnen met (kleine) kinderen die voor een paar weken een privé-chauffeur hadden gehuurd. De bussen reden heel frequent, veelal op tijd en waren uiteraard erg goedkoop. Voor een paar euro sta je aan de andere kant van het land.

Het eten in Sri Lanka is echt waanzinnig lekker. Het nationale gerecht is rice & curry; een potje rijst dus met een aantal verschillende curry’s met vlees of vis of groenten. Ze hebben er ook heerlijk fruit en lekkere yoghurt als dessert. Wij houden heel erg van de Aziatische keuken en gelukkig houdt ook dochter Fleur erg veel van rijst en noedels. Ieder restaurant serveert ook zonder problemen voor Fleur een bord met lekker eten zonder pikante saus. In de wat grotere steden vind je ook telkens een Cargill’s; een supermarkt met westerse producten.

De mensen zijn erg vriendelijk en helemaal niet opdringerig. Op een dag vergeten wij na een klim onze spiegelreflexcamera op de bus. Ronald gaat zonder veel hoop op pad, maar krijgt heel wat hulp. Er wordt een tuktuk ingezet om de juiste bus terug te vinden en ervoor te zorgen dat ons fototoestel weer terecht komt. En een uur later is de camera terecht, wat een geluk!

Dit was onze route:

Negombo

Bijna iedere reiziger begint zijn Sri Lanka-reis in Negombo. Dit strandstadje ligt boven de hoofdstad Colombo en de toeristische zone (Lewis Place) is eigenlijk niet meer dan een langgerekte straat met hotels en bars. Wij vonden het leuk om één nachtje te acclimatiseren na de vlucht, maar verder heeft Negombo niet zo veel te bieden. Ook is het strand echt niet proper. Je kan wel een bezoekje brengen aan de vismarkt, maar bereid je voor op een hele penetrante geur.

Dambulla en Sigiriya

Vanuit Negombo reizen we door naar Dambulla (ongeveer 4 uren met de bus). Dambulla is echt een Aziatische stad. Heel veel toeristen komen hier voor de prachtige gouden tempel met de mooie grotten, maar er blijft bijna niemand overnachten. In de stad zelf vind je dan ook geen souvenirwinkels of andere toeristische zaken. De gouden Tempel is prachtig ! Omdat het een religieuze feestdag is, mogen we gratis naar binnen. Joepie! Ook Fleur vindt de tempel en de vele boeddhabeelden in de grotten leuk. We hebben haar geleerd dat ze nooit haar achterkant mag tonen aan Boeddha en dus altijd naar achter lopend naar buiten moet. Hier in de grotten staan er echter zoveel beelden langs alle kanten, dat ze helemaal van slag is. Ze weet helemaal niet meer hoe ze naar buiten kan, zonder haar achterste aan één van de boeddha’s te tonen 😊. Vanuit Dambulla bezoeken wij ook Sigiriya, wat perfect doenbaar is (45 minuten met de bus). Omdat je in Sigiriya vaak in file naar boven moet, kiezen wij ervoor om niet de echte Sigiriya Rock te beklimmen, maar het kleinere broertje Pidurangala Rock. Van boven op deze rots heb je dan een fantastisch uitzicht op de echte Sigiriya Rock. Een ander groot voordeel is dat Pidurangala maar 3 dollar entree kost ipv 25 dollar voor de echte. Bereid je wel voor op een echte avontuurlijke wandeling met wat klim- en klauterwerk. Maar Fleur geraakt mits wat hulp vlot boven (en ik ook 😊).




Polonnaruwwa

De archeologische site is uiteraard super! Het leuke is dat het museum bij het begin van de site vol staat met maquettes, zodat het wel gemakkelijker is om zo aan Fleur uit te leggen hoe die gebouwen en tempels er vroeger allemaal uit zagen. De sites liggen wel allemaal ver uit elkaar en het is er erg warm, dus begin vroeg op de dag aan je bezoek en zorg voor een tuktuk die je van tempel naar tempel brengt.

Ella

Het bergdorpje Ella zorgt voor heerlijke verkoeling tijdens onze reis. We maken hier drie mooie wandelingen, die eigenlijk allemaal goed doenbaar zijn met een klein kind. Het mooiste is de tocht naar Little Adam’s Peak waarbij je langs theeplantages klimt. Ook de wandeling over de treinsporen richting de Nine Arches Bridge is een aanrader. En we ontdekken een pas aangelegde speeltuin vlakbij het treinstation! Ella is ook heel toeristisch, dus de plek in Sri Lanka om een keer iets anders dan rijst te eten.




Tangalle

Vanuit de bergen reizen we naar de zuidkust. Tip: zorg voor een licht ontbijt als je net zoals ons met de bus naar de zuidkust rijdt. It’s quite a bumpy road, als je begrijpt wat ik bedoel 😊 Eerst geeft het Sri Lankaanse jongetje naast me op de bus zijn ontbijt over, en tien minuten later volgt Fleur. Tangalle is voor ons het leukste stranddorpje aan de zuidkust met nog niet veel toeristen. We verblijven er in een mooie hut bij het strand en krijgen er gratis twee huisdieren bij: een hagedis en een bruine kikker in ons toilet 😊 Het strand in Tangalle is er paradijselijk en ook het stadje zelf is best leuk met een fort, een mooie tempel en een kleurrijke haven. Dichtbij de tempel heb je een ‘publiek strand’, waar de Sri Lankanen met bussen van heinde en verre naartoe komen. Het is een mooi schouwspel om de vrouwen in sari de zee te zien ingaan.

Polhena (Matara)

Matara is een iets grotere stad aan de zuidkust en wordt heel vaak overgeslagen door toeristen. We verblijven er in een klein buurdorpje bij Sri Lankanen thuis. Ook hier genieten we van de ambiance op het publieke strand. Iets buiten Matara vind je een ‘foute tempel’, de Weherahena. Hier is het hele leven van Boeddha in een stripverhaal op de muren geschilderd en overal staan er kitscherige beelden. Het is een erg grappig bezoek. In de buurt van Matara kan je ook de vuurtoren gaan bezoeken.





Unawatuna en Galle Unwatuna is een fijne niet al te drukke badplaats. Het dorp ligt ook wat weg van de hoofdstraat; wat een pluspunt is. Het is hier fijn om aan het einde van je reis nog wat te relaxen. In de zee zwemmen lukt niet wegens de hele sterke golven. Dit is trouwens bijna tijdens onze hele Sri-Lanka reis het geval. Alleen helemaal aan het einde van de baai bij de tempel kan je pootjebaden. Daar gaan trouwens ook de locals in zee J Vanuit Unawatuna sta je met de bus in een half uurtje in de prachtige oude stad van Galle. Het is erg grappig om oude koloniale gebouwen met Nederlandse opschriften te spotten. Ook het lopen op de stadswallen vanaf de vuurtoren is erg leuk.

Onze verblijfplaatsen waren:

Negombo: Hotel Silver Sands , gezellig laid-back hotel met een goede ligging en een lekkere keuken Dambulla: Sujatha Guest House, midden in de stad gelegen met een kleine speeltuin en wat speelgoed Polonnaruwwa: Hotel Seyara: met een heerlijk zwembad en ’s avonds een heerlijk buffet, rustig gelegen Ella: Lizzie’s Guesthouse: goedkope basic kamers in een koloniaal huis met prachtige tuin. Ook ver genoeg van de rumoerige hoofdstraat om de dancebeats van de vele bars niet meer te horen Tangalle: Little Pumpkin Guesthouse: goedkope en mooie cabanes bij het strand Polhena: Sunil Resthouse: logeren bij Sri Lankanen thuis. Een mooie ervaring! Unawatuna: Wimals Hotel: een modern correct geprijsd hotel met een klein zwembad, dicht bij het strand. Lekker ontbijtbuffet!




0 keer bekeken